Veelgestelde vragen
Of het nu gaat om advies of ondersteuning: we zijn er voor je. Vragen die we regelmatig krijgen, hebben we hier verzameld. Zo vind jij op de snelste manier het antwoord op jouw vraag. Kom je er niet uit of staat je vraag er niet tussen? Bel, mail ons of stuur een Whatsapp-bericht.
Compact spots
De Lumiko Compact Serie is een reeks compacte LED-spots, ontworpen voor toepassingen waar een lage inbouwhoogte vereist is. De spots zijn geschikt voor gebruik in plafonds en wanden van woonkamers, keukens, tuinhuizen en kantoren. De compact spots zijn er in verschillende kleuren en uitvoeringen en allemaal uitgevoerd met een efficiënte LEDchip. Het merendeel is daarnaast voorzien van de handige plug-and-play connector waardoor aansluiting een fluitje van een cent is.
Zijn de lampen die ik wil aansturen dimbaar?
Het is belangrijk om eerst te controleren of de lampen die je wilt aansturen dimbaar zijn. Dit staat meestal aangegeven op de verpakking of in de specificaties van de lamp.
Nu je weet dat de lampen dimbaar zijn, welke dimmethodes zijn er?
De meeste retrofit lichtbronnen zijn 230V dimbaar, maar er zijn twee dimmethodes:
- Fase-aansnijding (RL)
Geschikt voor traditionele halogeen- en gloeilampen.
Deze methode wordt aangeduid met de letters RL op de verpakking of specificaties.
- Fase-afsnijding (RC)
Ideaal voor moderne LED-lampen.
Aangeduid met de letters RC op de verpakking of specificaties.
Wat doe je als de dimmethode niet duidelijk is?
Wanneer de dimmethode niet vermeld staat, kun je kiezen voor een universele dimmer. Lumiko biedt een universele dimmer die zowel fase-aansnijding als fase-afsnijding ondersteunt. Dit is een uitstekende keuze als je niet zeker weet welke methode je lampen gebruiken.
Bij drivers zijn er meerdere methodes om te dimmen. Naast de genoemde fase af- en aansnijding, kom je hier ook de methodes 0/1-10V en DALI tegen. Hierbij zijn er extra stuurstroomdraden nodig waar het dimsignaal over verzonden wordt. Ook voor deze methodes biedt Lumiko geschikte dimmers.
Naast de dimmethode is uiteraard ook de belasting van belang. Op elke dimmer staat aangegeven hoeveel Watt er maximaal op aangesloten mag worden. Wil je weten hoeveel Watt je minimaal nodig hebt? Vermenigvuldig dan het wattage van de lichtbron met het aantal lichtbronnen.
Daarnaast is het van belang te kijken wat de powerfactor (PF) van de lichtbronnen is. De Powerfactor geeft aan met hoeveel blindstroom je moet rekenen bij de lichtbron. Een kwalitatief goede lichtbron of driver heeft vaak een powerfactor van 0.9 of 0.95, dit houdt in dat er een blindstroom loopt van respectievelijk 10% of 5%. Maar je zult ook veel lichtbronnen tegenkomen met een powerfactor van 0.7 of 0.5, in dat geval is de blindstroom 30% of zelfs 50%. Deze blindstroom dien je op te tellen bij het vermogen van de lichtbronnen voor het kiezen van de juiste dimmer.
De blindstroom is stroom die wel door de dimmer loopt maar niet gebruikt wordt. De wattages die je optelt bij het totaalvermogen om de dimmer te kiezen reken je dus niet af bij je energierekening.
Voor veel led spots heb je een led driver nodig. Het is van belang om de juiste driver te kiezen. Met een verkeerde driver kunnen je spots maar heel zwak branden, knipperen of zelfs kapot gaan. Dat wil je natuurlijk voorkomen. Om de juiste driver te kiezen kijk je allereerst wat je led spot nodig heeft. We onderscheiden twee verschillende types led spots: led spots die werken op constante spanning en led spots die werken op constante stroom. Bij constante spanning gaat het vaak om een spanning (V) van 12, 24 of 48V. Bij constante stroom (A) is dit vaak 350, 500, 700 of 1000mA.
Weet je welk van de twee types je nodig hebt en welke spanning (V) of welke stroom (mA)? Dan is het van belang om te kijken hoeveel Watt de lichtbronnen bij elkaar opgeteld zijn. Hiermee bepaal je het minimaal benodigde vermogen van de driver. Let op: wanneer je meer kabellengte hebt, heeft de driver meer vermogen nodig om de LEDs te voorzien van het juiste vermogen. Houd bij langere kabellengtes dus altijd wat meer overcapaciteit aan bij het kiezen van het vermogen van de driver. Hierdoor voorkom je overbelasting van de driver.
Werken je spots bijvoorbeeld op 350mA en verbruiken ze 3.1W en wil je er drie gebruiken, dan kom je uit op 9.3 Watt. Bij niet al te lange kabels kun je dan een driver gebruiken die tot 10W kan leveren. Worden de spots 10 meter verderop geplaatst dan kun je beter een 12W driver kiezen zodat je zeker weet dat de driver voldoende vermogen kan leveren.
Serie aansluiting
Een serie aansluiting wordt normaal gesproken gebruikt bij stroomgestuurde LEDs. Bij een serie aansluiting wordt de plus aansluiting (rode draad) van de eerste spot verbonden met de plus uitgang op de driver. Vervolgens wordt de plus aansluiting van de tweede spot aangesloten op de min draad (zwart) van de eerste spot. Op deze manier ga je verder tot de laatste spot. De min draad van de laatste spot sluit je aan op de min uitgang van de driver waarmee de serie gesloten is. De aansluiting ziet er dan als volgt uit.
Gebruik je Lumiko connectorblokjes dan hoef je niet op de bedrading te letten want die is intern al in serie aangesloten. Een andere optie is om gebruik te maken van de serieel verdeelblokken van Lumiko, hiermee sluit je ook verlichting zonder connector eenvoudig in serie aan.
Parallel aansluiting – Mini LEDs, Titus
Een parallel aansluiting wordt normaal gesproken gebruikt voor spanningsgestuurde LEDs. Bij een parallele aansluiting worden alle fase of plus draden met elkaar verbonden en ook alle nul of min draden.
Bij gebruik van een driver betekent dit dat alle rode draden (plus) met elkaar verbonden worden en met de plus uitgang van de driver. Hetzelfde doe je met de zwarte draden (min) en de min uitgang van de driver. Wanneer er rechtstreeks op het lichtnet (230Vac) gewerkt wordt worden alle bruine of zwarte draden (fase of schakeldraad) met elkaar verbonden en ook alle blauwe draden (nul).
Wil je eenvoudig parallel verbindingen maken voor bijvoorbeeld ledstrips of 12V spots? Gebruik dan de 3- of 6-voudige verdeelblokken parallel van Lumiko.
Bij veel dimmers of sensoren zie je maximale vermogen in VA (Volt Ampère) vermeld staan. Om vervolgens te berekenen hoeveel LEDs je kunt aansluiten op deze dimmer of sensor heb je de Power Factor van je verlichting nodig. Deze staat vaak vermeld op de spot of driver als bijvoorbeeld PF = 0,9. Wanneer je de power factor van je verlichting weet kun je het maximale wattage berekenen door het maximale VA te vermenigvuldigen met de power factor.
Wanneer het maximale VA 500 is en de power factor 0,9 kun je 450 Watt aansluiten (500 x 0.9 = 450). Hierbij geldt dus; hoe hoger de power factor hoe meer verlichting je kunt aansluiten.
Een externe driver biedt meerdere voordelen. Je kunt hem vervangen als hij defect is. Wanneer een retrofit lichtbron niet meer werkt is de driver ook vaak defect en niet de led chip. Doordat dit bij dergelijke lichtbronnen één geheel is moet alles vervangen worden.
Een ander belangrijk voordeel van een externe driver is dat je eenvoudig kunt kiezen voor een ander type dimbare driver of voor één driver waar meerdere spots op aangesloten kunnen worden. Met een externe driver heb je dus meer mogelijkheden en ben je efficiënter.
Een externe driver is veel groter dan de ingebouwde driver in de voet van een ledlamp en heeft een langere levensduur. Dankzij het grotere formaat kan namelijk gebruik gemaakt worden van kwalitatief betere componenten en is de koeling in de driver aanzienlijk beter. Dit zorgt voor een veel hogere levensduur. Anders gezegd: zowel de led spot als de driver gaan vele malen langer mee dan een retrofit lichtbron.
COB is de afkorting voor Chip On Board en geeft dus aan dat de spot voorzien is van een led chip. Door gebruik te maken van zowel een efficiënte led chip als overige intelligente componenten kan met een COB led spot een hoge lichtopbrengst worden bereikt. Afhankelijk van de gekozen lichtkleur kunnen Lumiko COB led spots, ondanks een vermogen van slechts 3.1 Watt, een lichtopbrengst tot wel 458 Lumen voortbrengen. Om verblinding te voorkomen en een mooi lichtbeeld met zachtere lichtovergangen te krijgen is de led chip van Lumiko COB led spots voorzien van een reflector en een kleine prismalens. Een COB led spot is geschikt voor intensief gebruik in onder meer kustgebieden, havens en schepen.
De zigbee LED dimmer is een slimme dimmer waarmee je normale (domme) dimbare verlichting toch draadloos kunt aansturen. Bij gebruik van de Zigbee druk/draaidimmer kun je de verlichting gewoon met de hand bedienen zoals bij ‘normale’ dimmers maar je kunt hem ook draadloos bedienen via een app of draadloze schakelaars. De dimmer is zo ontworpen dat hij eenvoudig bestaande dimmers kan vervangen waardoor je direct een Smart Home-oplossing creëert.
Vrijwel elke led spot heeft een driver nodig om te functioneren. De driver is echter niet of moeilijk zichtbaar bij elke led lamp. Retrofit ledlampen, zoals E27, E14 en Gu10 lichtbronnen bijvoorbeeld, hebben ook een driver maar die is heel klein en ingebouwd in de voet van de lamp.
XPG, de afkorting voor Extreme Performance Gear, komt oorspronkelijk uit de game-wereld. XPG led spots onderscheiden zich van andere led spots door een extreem gunstige Lumen/Watt verhouding. Ondanks een vermogen van slechts 2 Watt hebben Lumiko XPG led spots een vermogen van maar liefst 215 Lumen en is de lichtopbrengst vrijwel gelijk aan die van een traditionele 20 Watt halogeenspot. Dankzij het lage Wattage en hogere stroom (700mA) kan een Lumiko XPG led spot vaak in grotere groepen op één driver aangesloten. Het voordeel hiervan is dat de installatie hierdoor eenvoudiger wordt. Voor een strakke gebundelde lichtstraal en een optimale lichtopbrengst zijn Lumiko XPG spots voorzien van een heldere lens.
Een duo dimmer kan gebruikt worden als vervanging van een dubbele schakelaar. De duo dimmer heeft hetzelfde formaat als een normale dimmer maar hiermee kunnen twee groepen apart van elkaar worden bediend. De duodimmer bespaart dus ruimte op de wand en is ideaal voor bestaande situaties waar vanuit één elektradoos twee groepen geschakeld worden.
Het verschil tussen een led driver en een transformator zit in wat er aan de uitgang geleverd wordt en hoe ze werken met verschillende soorten verlichting. Een transformator zet de netspanning van 230V om naar een stabiele 12V of 24V wissel- of gelijkspanning. Dit maakt een transformator geschikt voor traditionele laagspanningsverlichting zoals halogeenlampen of ledverlichting die specifiek ontworpen is om op een bepaalde spanning te werken. Een led driver werkt anders. Deze zet 230V om in een stabiele stroomsterkte in plaats van spanning. Een LED-driver levert bijvoorbeeld 350mA of 700mA, afhankelijk van de eisen van de aangesloten ledverlichting. LED’s hebben een constante stroom nodig om te kunnen functioneren, en een LED-driver zorgt ervoor dat de verlichting precies de juiste hoeveelheid stroom krijgt, zonder overbelasting
De kleurtemperatuur van verlichting, ook wel lichtkleur genoemd, wordt aangegeven met een Kelvin-waarde (K) en is van belang voor sfeer maar ook voor de productiviteit. Een felle of zelfs kille verlichting wordt over het algemeen als onprettig ervaren en draagt uiteraard niet bij aan een gezellig sfeer in huis, op het werk of in een horecagelegenheid. Een te donkere verlichting is ook niet prettig en is in een werkomgeving nadelig voor de productiviteit. De huidige led verlichting is minstens zo sfeervol als de traditionele gloeilampen. Hoe hoger de Kelvin-waarde is hoe kouder en witter het licht is. In de led verlichtingsindustrie is er een onderverdeling gemaakt in de volgende kleurtemperaturen:
- 2400K: Ultra warm wit (UWW)
- 2700K: Extra warm wit (EWW)
- 3000K: Warm wit (WW)
- 4000K: Natuurlijk wit (NW)
- 6000K: Cool wit (CW)
Een wisselschakelaar is een schakelaar met drie aansluitcontacten. Een wisselschakelaar kan als enkelvoudige schakelaar worden gebruikt maar ook voor schakelingen vanaf meerdere punten. Wanneer je de verlichting vanaf twee plaatsen kunt in bedienen wordt dit ook wel een hotelschakeling genoemd. In woningen zie je dit bijvoorbeeld veel boven en onder aan de trap toegepast. Het merendeel van de Lumiko dimmers is ook uitgerust met een aansluiting voor een wisselschakeling. Hierdoor kun je niet alleen op de dimmer het licht in- of uitschakelen maar ook vanaf een tweede locatie met de wisselschakelaar. Wil je vanaf beide plaatsen kunnen schakelen en dimmen gebruik dan de Lumiko Master master dimmer (891032). Met deze dimmer kun je vanaf meerdere plekken zowel dimmen als schakelen.
Bij ledlampen en drivers zie je vaak de powerfactor vermeld staan, ook wordt dit vaak genoemd als iets om rekening mee te houden bij het kiezen van de juiste dimmer maar wat is de power factor nu precies?
Heel simpel gezegd geeft de powerfactor het verschil aan tussen de hoeveelheid vermogen die verbruikt wordt en de hoeveelheid vermogen die door een gebruiker loopt.
Het kan dus zijn dat een ledlamp 5W verbruikt maar dat er voor 7W aan stroom doorheen loopt. Dit extra vermogen of schijnbaar vermogen wordt bij een particulier niet gemeten door de kWh-meter en hier betaal je dus ook niet voor. Bij grootverbruikers wordt hier wel op gecontroleerd en is het dus extra van belang om de powerfactor in de gaten te houden bij de aanschaf van verlichting.
Maar ook voor particulieren is het niet onverstandig hier op te letten. De stromen die lopen bij een hoge PF zijn lager waardoor bijvoorbeeld een dimmer efficiënter kan werken en je soms met een dimmer voor een lager wattage af kan.
Idealiter is de powerfactor 1 maar in de praktijk ligt deze altijd lager. Bij een ledlamp kom je soms zelfs een PF van 0.5 of nog lager tegen! Houdt er rekening mee dat wanneer je ledlampen gebruikt met een PF van 0.5 je nog maar de helft van het maximale vermogen van een dimmer kunt gebruiken!
Vooral retrofit lichtbronnen hebben vaak een lagere powerfactor. Werk je met ledspots met een externe driver dan zul je zien dat deze vaak een hogere PF hebben van bijvoorbeeld 0.9.
De Kelvin waarde van een lamp geeft informatie over de lichtkleur van het licht. We noemen dit ook wel de kleurtemperatuur. Koud licht is heel wit licht bijna blauw, warm licht is heel geel/oranje licht. Hoe lager de Kelvin waarde (K) hoe warmer het licht. Andersom geldt: hoe hoger de Kelvin waarde hoe kouder het licht. De juiste lichtkleur is afhankelijk van de ruimte waar de verlichting komt. In een woning gebruik je vaak 2700 - 3000K en in een kantoor meestal 3000 tot 4000K. Naast de locatie is natuurlijk ook persoonlijke smaak van belang bij het kiezen van de lichtkleur. De een vindt het bijvoorbeeld prettig om in de woonkamer warme verlichting te gebruiken terwijl een ander houdt van wat witter licht. De meest voorkomende lichtkleuren zijn:
- 2400K: Ultra warm wit (UWW)
- 2700K: Extra warm wit (EWW)
- 3000K: Warm wit (WW)
- 4000K: Natuurlijk wit (NW)
- 6000K: Cool wit (CW)
Een inbouwmodule is een klein formaat dimmer of schakelaar welke in een elektradoos of in de voet van een armatuur verwerkt kan worden. Alle inbouwmodules zijn geschikt om met een pulsschakelaar te bedienen daarnaast is het meerendeel uitgevoerd met een draadloos protocol zodat de verlichting ook draadloos te bedienen is. Inbouwmodules maken het eenvoudig Smart Home te integreren in bestaande armaturen of situaties.
- 860300: Geschikt voor Compact COB spots
- 860302: Geschikt voor Dim to Warm spots
- 860304: Geschikt voor Compact XPG spots
- 860306: Geschikt voor Bonnita, Bolero en Bonvino (met uitzondering van de Bonnita en Bonvino Dim to Warm (350 mA) varianten)
Sluit ledspots nooit aan op een hogere stroom dan voorgeschreven! Een te hoge stroom zal altijd leiden tot een verkorte levensduur van de spot. Afhankelijk van de stroom kan de spot ook gelijk al doorbranden.
Een lagere stroom is vaak geen probleem, het is dus mogelijk een spot die werkt op 700mA aan te sluiten op 350mA. Op deze manier zal de spot de helft minder licht geven zonder dat je hier een dimmer voor gebruikt.
De Lumiko modulaire serie biedt je de mogelijkheid om jouw verlichtingssysteem volledig aan te passen aan jouw persoonlijke wensen. Of je nu een eenvoudige schakelaar wilt of een geavanceerde dimmer met extra functies, deze serie combineert flexibiliteit, gemak en innovatie. Het unieke modulaire ontwerp maakt het mogelijk om onderdelen zoals bedieningselementen en functies eenvoudig aan te passen, zonder technische expertise.
De Lumiko Mini led drivers zijn speciaal ontworpen voor het eenvoudig aansluiten van compacte LED-spots, zelfs in ruimtes met beperkte inbouwhoogte. Met hun compacte formaat passen ze perfect boven plafonds of in kleine armaturen. Elke driver is ontworpen om één ledspot te voeden, wat zorgt voor een stabiele en betrouwbare werking. De drivers zijn voorzien van fase-afsnijdingstechnologie, waardoor ze eenvoudig dimbaar zijn en een optimale lichtregeling bieden.
Vrijwel elke ledspot heeft een driver nodig om te functioneren. Alleen zie je deze driver niet bij elke ledlamp. Retrofit ledlampen zoals E27, E14 en Gu10 lichtbronnen hebben ook een driver alleen is de driver hier heel klein uitgevoerd en ingebouwd in de voet van de lamp. Dit heeft als nadeel dat de levensduur vaak korter is en de driver is op deze manier niet vervangbaar mocht hij defect raken.
Ja, een van de grootste voordelen van de Lumiko modulaire serie is dat je onderdelen zoals bedieningselementen eenvoudig kunt vervangen of uitbreiden. Als je bijvoorbeeld later wilt overstappen van een draaiknop naar draadloze bediening, kun je dit zonder problemen aanpassen. Dit maakt het systeem flexibel en toekomstbestendig.
Leidend voor de led is de constante spanning ook wel de constante Voltage genoemd. Dit spanningsgestuurde uitgangspunt betekent dat de led werkt op bijvoorbeeld 12, 24, 48 of 230 Volt. Bij leds op constante spanning is het van belang de voeding te matchen met de gevraagde Voltage. Een 230V lichtbron wordt rechtstreeks vanuit het lichtnet gevoed maar een 24V led strip heeft een driver nodig die de 230V omzet in een constante spanning van 24 Volt.
Bij constante spanning wordt normaal gesproken gebruik gemaakt van parallel aansluiting.
Een semi inbouwspot is een inbouwspot die niet vlak in het plafond ligt maar er uitsteekt. Een semi inbouwspot is dus meer aanwezig dan een normale inbouwspot. Omdat de aansluiting boven het plafond zit is het een inbouwspot en geen opbouwspot.
Wat is precies het verschil tussen een opbouwspot en een semi inbouwspot? Een opbouwspot bevestig je op het plafond en een semi inbouwspot bevestig je in het plafond. Voor het plaatsen van een semi inbouwspot is het noodzakelijk om een gat in het plafond te boren. De spot bevestig je met klemveren in het plafond. De aansluiting en driver kunnen ook boven het plafond gelegd worden. Bij een opbouwspot schroef je de spot op het plafond vast, is het noodzakelijk dat de voedingskabels al uit het plafond steken en ligt de driver extern of is deze verwerkt in het armatuur.
1.Kies het basiselement, wat wil je bedienen?
Wil je schakelen of dimmen en wat is het vermogen? Bij dimmen kun je kiezen uit fase-afsnijding of DALI en voor schakelen en dimmen van fase-afsnijding is er ook de optie voor 2-polig schakelen om lekstroom problemen te voorkomen.
2. Kies de juiste bedieningsmodule, hoe wil je bedienen?
Kies de juiste bedieningsmodule, hoe wil je bedienen? Geef je de voorkeur aan drukken of draaien? Verlang je naar extra functies zoals een nalooptimer, Astro-tijdschakeling en app-bediening met fade-opties bij uitschakeling? De keuze is aan jou, want met ons uitgebreide aanbod is er voor elk wat wils.
3.Kies de afwerking
De dimmers kunnen afgewerkt worden met een Lumiko afdekraam, maar vanwege de standaard afmeting van 55x55 mm passen ze ook in de afdekramen van veel andere merken.
Bij constant current (constante stroom) is de stroom, oftewel het Amperage, leidend bij de keuze van de voeding. De led bij deze stroomgestuurde keuze werkt bijvoorbeeld op 350, 500, 700 of 1100mA. Leds die werken op constante stroom hebben altijd een driver nodig die de 230V omzet in een uitgang met de juiste stroom. Het is van belang om te controleren of de driver de uitgang heeft die benodigd is voor de spot. Je kunt spots voeden met een lager mA, maar beslist niet met een hoger mA. Het aansluiten van led op een driver met een te hoog Amperage kan onherstelbare schade aan de led veroorzaken. Bij constante stroom wordt normaal gesproken gebruik gemaakt van serie aansluiting.
Een externe led driver biedt meerdere voordelen. Het belangrijkste is dat een externe driver efficiënter is dan een ingebouwde driver en dat een externe driver de mogelijkheid biedt meerdere spots op één driver aan te sluiten. Doordat de driver uitwisselbaar is kan hij ook eenvoudig uitgewisseld worden voor een ander type waardoor je kunt kiezen voor bijvoorbeeld een dimbare driver (al dan niet draadloos) of voor een driver waar meer spots op aangesloten kunnen worden.
Wat ook een voordeel is, is dat je de driver kunt vervangen mocht hij defect raken. Dit is een groot verschil met spots met geïntegreerde driver, hier moet je vaak het geheel vervangen terwijl de LED en het armatuur nog jaren mee zouden kunnen. Een externe driver is veel groter dan de ingebouwde driver in de voet van een ledlamp en heeft een langere levensduur. Dankzij het grotere formaat kan namelijk gebruik gemaakt worden van kwalitatief betere componenten en is de koeling in de driver aanzienlijk beter. Dit zorgt voor een veel hogere levensduur. Anders gezegd: zowel de led spot als de driver gaan vele malen langer mee dan een retrofit lichtbron.
LED staat voor Light-Emitting Diode. Een diode is een elektronisch onderdeel (halfgeleider) welke stroom geleidt. Een LED is een Light-emitting ofwel een lichtuitstralende diode. Dit betekent dat deze diode licht uitstraalt wanneer er elektriciteit doorloopt.
Wijzigingen voorbehouden. We streven ernaar om nauwkeurige en actuele informatie te geven, maar het kan voorkomen dat informatie na enige tijd verouderd, incorrect en/of incompleet is. Informatie op onze website is nooit een vervanging van ons lichtadvies en er kunnen geen rechten aan worden ontleend.